CENSUUR EN ORGANISATIECRIMINALITEIT IN NEDERLAND ©

1997-2014+ Diepe minachting voor het structurele probleem in de Nederlandse rechtspraak te weten de weerzinwekkende partijdigheid voor de overheid.

Groep Hop wil de pensioengerechtigde leeftijd verlagen naar 60 jaar. Alle gemeente belastingen afschaffen. Improductieve bureaucratie aanpakken. Kinderbeschermingsmaatregelen na verzonnen verhalen is weerzinwekkende fraude. Ontvangen gelden dienen als heling te worden aangemerkt. Bekijk ons programma? Als u ook genaaid bent/wordt door voor de overheid steeds partijdige rechtspraak, gemeente, jeugdzorg, RvdK of UWV stel u verkiesbaar voor de verkiezingen gemeenteraad 2018. Praktijkvoorbeeld. Het jatten van de recreatiewoning van een 71+ jarige gehandicapte burger die VOOR 1996 zelf zijn recreatiewoning heeft (af)gebouwd en er voor 1996 ook woonde dat wordt door niemand ter discussie gesteld wordt door Hop als organisatiecriminaliteit gemeente Ermelo en zeer ernstige mishandeling van een gepensioneerde burger aangemerkt. Groep Hop is wel TEGEN de discriminatie van Nederlanders tov buitenlanders.

Stem TEGEN organisatiecriminaliteit bij de overheid! Stem VOOR Groep Hop. Dank u wel voor uw aandacht. J. Hop.

 

 

De Betere Krant van Ermelo

Nieuwsberichten uit het Ermelo, lees verder

 

sgj41025318 Stichting Gereformeerd Jeugdwelzijn, Puntenburgerlaan 91, 3812CC Amersfoort (Gezinsvoogdij)
sgj41025318 Stichting Gereformeerd Jeugdwelzijn, Puntenburgerlaan 91, 3812CC Amersfoort (
Voorziening voor Pleegzorg)

Deze stichting is geen Bureau Jeugdzorg maar voert namens Bureau Jeugdzorg een maatregel uit. Door deze belangenverstrengeling is deze stichting
voor ouders en hun kinderen nog veel gevaarlijker omdat deze stichting enorme financiŽle belangen heeft bij pleegzorg.

Staan NAMEN vertegenwoordigers
SGJ in beschikkingen en PV hoorzittingen (262) rechtersleger vermeld? Indien neen, waarom niet?

 

Nadere toelichting verzetschriften 1, 2, 3, 4 en 5 Logtenberg tegen SGJ en SBJG op de hoorzitting rechtbank Zutphen 30 augustus 2007

 

Aan de rechtbank  

te

Zutphen

 

Sector bestuursrecht

Postbus 205

7200 AE Zutphen.

 

Heerde, 30 augustus 2007.

 

Edelachtbaar college,

 

Inzake

85861/JERK 07-380

85862/JERK 07-381

85863/JERK 07-382

85864/JERK 07-383

85865/JERK 07-384

 

Inzake

85861/JERK 07-380

Zie ingediende verzetschrift

85862/JERK 07-381

Zie ingediende verzetschrift

85863/JERK 07-382

Zie ingediende verzetschrift

85864/JERK 07-383

Zie ingediende verzetschrift

85865/JERK 07-384

Zie ingediende verzetschrift

 

Inzake

85861/JERK 07-380

Ingevolge artikel 5.5 Wjz kinder(bestuurs)rechter wel bevoegd in alle 5 uitspraken

Het beroepschrift betreft geen beroepschrift m.b.t. indicatiebesluiten. Alle beroepen van Logtenberg m.b.t indicatiebesluiten zijn via de SBJG bezwaarcommissie bij de rechtbank Arnhem ingediend.

85862/JERK 07-381

Ingevolge artikel 5.5 Wjz kinder(bestuurs)rechter wel bevoegd in alle 5 uitspraken

Het beroepschrift betreft geen beroepschrift m.b.t. indicatiebesluiten. Alle beroepen van Logtenberg m.b.t indicatiebesluiten zijn via de SBJG bezwaarcommissie bij de rechtbank Arnhem ingediend.

85863/JERK 07-382

Ingevolge artikel 5.5 Wjz kinder(bestuurs)rechter wel bevoegd in alle 5 uitspraken

Het beroepschrift betreft geen beroepschrift m.b.t. indicatiebesluiten. Alle beroepen van Logtenberg m.b.t indicatiebesluiten zijn via de SBJG bezwaarcommissie bij de rechtbank Arnhem ingediend.

85864/JERK 07-383

Ingevolge artikel 5.5 Wjz kinder(bestuurs)rechter wel bevoegd in alle 5 uitspraken

Het beroepschrift betreft geen beroepschrift m.b.t. indicatiebesluiten. Alle beroepen van Logtenberg m.b.t indicatiebesluiten zijn via de SBJG bezwaarcommissie bij de rechtbank Arnhem ingediend.

85865/JERK 07-384

Ingevolge artikel 5.5 Wjz kinder(bestuurs)rechter wel bevoegd in alle 5 uitspraken

Het beroepschrift betreft geen beroepschrift m.b.t. indicatiebesluiten. Alle beroepen van Logtenberg m.b.t indicatiebesluiten zijn via de SBJG bezwaarcommissie bij de rechtbank Arnhem ingediend.

 

Inzake

85861/JERK 07-380

1. SGJ niet bevoegd in een procedure tegen Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland

een verzetschrift namens Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland in te dienen.

2. Indien SGJ wel bevoegd is dient met toepassing van artikel 6:15 van de Algemene Wet bestuursrecht de onderhavige zaak verwezen te worden naar die rechtbank Utrecht, aangezien die rechtbank bij uitsluiting bevoegd is in deze zaken.

Jurisprudentie: Rechtbank Zutphen 13 maart 2007 Logtenberg tegen SGJ

85862/JERK 07-381

1. SGJ niet bevoegd in een procedure tegen Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland

een verzetschrift namens Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland in te dienen.

2. Indien SGJ wel bevoegd is dient met toepassing van artikel 6:15 van de Algemene Wet bestuursrecht de onderhavige zaak verwezen te worden naar die rechtbank Utrecht, aangezien die rechtbank bij uitsluiting bevoegd is in deze zaken.

Jurisprudentie: Rechtbank Zutphen 13 maart 2007 Logtenberg tegen SGJ

85863/JERK 07-382

1. SGJ niet bevoegd in een procedure tegen Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland

een verzetschrift namens Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland in te dienen.

2. Indien SGJ wel bevoegd is dient met toepassing van artikel 6:15 van de Algemene Wet bestuursrecht de onderhavige zaak verwezen te worden naar die rechtbank Utrecht, aangezien die rechtbank bij uitsluiting bevoegd is in deze zaken.

Jurisprudentie: Rechtbank Zutphen 13 maart 2007 Logtenberg tegen SGJ

85864/JERK 07-383

1. SGJ niet bevoegd in een procedure tegen Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland

een verzetschrift namens Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland in te dienen.

2. Indien SGJ wel bevoegd is dient met toepassing van artikel 6:15 van de Algemene Wet bestuursrecht de onderhavige zaak verwezen te worden naar die rechtbank Utrecht, aangezien die rechtbank bij uitsluiting bevoegd is in deze zaken.

Jurisprudentie: Rechtbank Zutphen 13 maart 2007 Logtenberg tegen SGJ

85865/JERK 07-384

1. SGJ niet bevoegd in een procedure tegen Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland

een verzetschrift namens Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland in te dienen.

2. Indien SGJ wel bevoegd is dient met toepassing van artikel 6:15 van de Algemene Wet bestuursrecht de onderhavige zaak verwezen te worden naar die rechtbank Utrecht, aangezien die rechtbank bij uitsluiting bevoegd is in deze zaken.

Jurisprudentie: Rechtbank Zutphen 13 maart 2007 Logtenberg tegen SGJ

 

Inzake

85861/JERK 07-380

1. Mevrouw mr. I.J.M. Schepens niet bevoegd in de onderhavige zaak. Afschrift machtiging ontbreekt.

2. Het onderschrijven van het verzetschrift door mr. M. Kramer namens de SGJ kan niet als een verzetschrift van Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland worden aangemerkt.

3. Mandaatbesluit hebben wij niet ontvangen.

4. Wij maken bezwaar tegen het inleveren van nieuwe stukken

85862/JERK 07-381

1. Mevrouw mr. I.J.M. Schepens niet bevoegd in de onderhavige zaak. Afschrift machtiging ontbreekt.

2. Het onderschrijven van het verzetschrift door mr. M. Kramer namens de SGJ kan niet als een verzetschrift van Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland worden aangemerkt.

3. Mandaatbesluit hebben wij niet ontvangen.

4. Wij maken bezwaar tegen het inleveren van nieuwe stukken

85863/JERK 07-382

1. Mevrouw mr. I.J.M. Schepens niet bevoegd in de onderhavige zaak. Afschrift machtiging ontbreekt.

2. Het onderschrijven van het verzetschrift door mr. M. Kramer namens de SGJ kan niet als een verzetschrift van Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland worden aangemerkt.

3. Mandaatbesluit hebben wij niet ontvangen.

4. Wij maken bezwaar tegen het inleveren van nieuwe stukken

85864/JERK 07-383

1. Mevrouw mr. I.J.M. Schepens niet bevoegd in de onderhavige zaak. Afschrift machtiging ontbreekt.

2. Het onderschrijven van het verzetschrift door mr. M. Kramer namens de SGJ kan niet als een verzetschrift van Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland worden aangemerkt.

3. Mandaatbesluit hebben wij niet ontvangen.

4. Wij maken bezwaar tegen het inleveren van nieuwe stukken

85865/JERK 07-384

1. Mevrouw mr. I.J.M. Schepens niet bevoegd in de onderhavige zaak. Afschrift machtiging ontbreekt.

2. Het onderschrijven van het verzetschrift door mr. M. Kramer namens de SGJ kan niet als een verzetschrift van Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland worden aangemerkt.

3. Mandaatbesluit hebben wij niet ontvangen.

4. Wij maken bezwaar tegen het inleveren van nieuwe stukken

 

 

 

Inzake de uitspraak 151579/JZRK 07-8012 d.d. 210607 wordt verwezen naar het hoger beroep dat is ingediend tegen deze uitspraak bij de Raad van State en de inhoud ervan wordt hier als herhaald en ingelast beschouwd:

 

 

Betreft: Hoger beroep tegen uitspraak 151579 / JZRK 07-8012 van 21 juni 2007 (verzonden op 12 juli 2007) van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem.

 

 

Aan: De Raad van State,

Afdeling bestuursrechtspraak,

Postbus 20019,

2500 EA ’s-Gravenhage

 

Dieren, 22 augustus 2007.

 

Geacht College,

Hierbij tekent gemachtigde J. Hop hoger beroep aan tegen de uitspraak 146281 / JERK 06-16511 van 30 mei 2007 (verzonden op 11 juni 2007) van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem. De gronden voor het beroep zijn:

 

Overwegingen waartegen ik hoger beroep aanteken.

 

 

1.  Op blz. 2 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

De rechtbank stelt allereerst vast dat de inhoud van eisers bezwaarschriften van 26 november 2006 en 30 november 2006 gelijk is en dat de bezwaren gericht zijn tegen een indicatiebesluit van 30 november 2006. Niet in geschil is dat door verweerder op 30 november 2006 een definitief indicatiebesluit is genomen. Nu dat verweerder een definitief indicatiebesluit heeft genomen stelt de rechtbank vast dat eisers geen belang meer hebben bij beantwoording van de vraag of er sprake is van een conceptbesluit of dat er een definitief indicatiebesluit bij de brief van de gezinsvoogd van 21 november 2006 was gevoegd. Eisers hebben dientengevolge geen belang meer bij een beoordeling van verweerders besluit van 3 januari 2007. De rechtbank zal dan ook het beroepschrift voor zover gericht tegen het besluit van 3 januari 2007 niet ontvankelijk verklaren

 

Gronden voor beroep.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling welke in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

De inhoud van eisers bezwaarschriften van 26 november 2006 en 30 november 2006 is niet gelijk.

 

In het geschil is juist WEL dat door verweerder een definitief indicatiebesluit op 30 november is genomen eisers daardoor WEL belang meer hebben bij beantwoording van de vraag of er sprake is van een conceptbesluit of dat er een definitief indicatiebesluit bij de brief van de gezinsvoogd van 21 november 2006 was gevoegd.

 

Bij de brief van 21 november 2006 was een ondertekend definitief indicatiebesluit van 30 november gevoegd en dat kan natuurlijk niet gelet op de datum.

 

Het besluit van 30 november 2007 kent dus twee definitieve versies voorzien van handtekeningen waarbij de handtekeningen verschillen.

 

Eisers hebben dientengevolge WEL belang bij een beoordeling van verweerders besluit van 3 januari 2007.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat eisers WEL belang hebben bij een beoordeling van verweerders besluit van 3 januari 2007 en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en het bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

2.  Op blz. 2 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Voorts is de rechtbank van oordeel dat het onder rubriek 1 genoemde besluit van 28 maart 2007 is aan te merken als een besluit als bedoeld in artikel 6:18 van de Awb. Aangezien dit besluit niet tegemoet komt aan het beroep van eisers, wordt ingevolge artikel 6:19 van de Awb het beroep van eisers tegen het besluit van 9 januari 2007 mede geacht te zijn gericht tegen het besluit van 28 maart 2007.

 

Nu verweerder blijkens het besluit van 28 maart 2007 het besluit van 9 januari 2007 heeft ingetrokken en de rechtbank niet gebleken is van een procesbelang van eisers bij beoordeling van het tegen het besluit van 9 januari 2007 gerichte beroep, moet het beroep tegen het besluit van 9 januari 2007 niet-ontvankelijk verklaard worden.

 

 

Gronden voor beroep.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

De inhoud van eisers bezwaarschriften van 26 november 2006 en 30 november 2006 is niet gelijk.

 

In het geschil is juist WEL dat door verweerder een definitief indicatiebesluit op 30 november is genomen eisers daardoor WEL belang meer hebben bij beantwoording van de vraag of er sprake is van een conceptbesluit of dat er een definitief indicatiebesluit bij de brief van de gezinsvoogd van 21 november 2006 was gevoegd.

 

Bij de brief van 21 november 2006 was een ondertekend definitief indicatiebesluit van 30 november gevoegd en dat kan natuurlijk niet gelet op de datum.

 

Eisers hebben dientengevolge WEL belang bij een beoordeling van verweerders besluit van 9 januari 2007.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat eisers WEL belang hebben bij een beoordeling van verweerders besluit van 9 januari 2007 en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en het bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

 

3.  Op blz. 2 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Aan het bestreden besluit van 28 maart 2007 ligt het standpunt van verweerder ten grondslag dat het indicatiebesluit van 30 november 2006 geen besluit is in de zin van de Awb waartegen bezwaar gemaakt kan worden, aangezien deze beslissing is genomen in het kader van ondertoezichtstelling. Ten aanzien van een indicatiebesluit in het kader van een ondertoezichtstelling geldt dat deze op de negatieve lijst van de Awb is geplaatst, waardoor hiertegen geen bezwaar kan worden gemaakt noch beroep bij de bestuursrechter mogelijk is.

 

Eisers kunnen zich hiermee niet verenigen en hebben zich op het standpunt gesteld dat ingevolge artikel 5, vijfde lid, van de Wet op de jeugdzorg wel bezwaar kan worden gemaakt tegen verweerders indicatiebesluit van 30 november 2006. Voorts hebben eisers aangevoerd dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering.

 

 

Gronden voor beroep.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

Het  besluit van 28 maart 2007 ligt en het indicatiebesluit van 30 november 2006 is WEL een besluit is in de zin van de Awb waartegen bezwaar gemaakt kan worden.

 

Er is sprake van nieuwe wetgeving artikel 5.5 wet op de jeugdzorg. Met deze nieuwe wetgeving is de oude wetgeving vervallen en is de nieuwe wetgeving op het bestreden besluit van toepassing en is wel bezwaar en beroep mogelijk bij de bestuursrechter

 

Eisers hebben zich op het standpunt gesteld dat ingevolge artikel 5, vijfde lid, van de Wet op de jeugdzorg wel bezwaar kan worden gemaakt tegen verweerders indicatiebesluit van 30 november 2006.

 

Voorts hebben eisers aangevoerd dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

4.  Op blz. 4 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Bij beschikking van 12 april 2006 van de kinderrechter is betrokkene ondertoezicht gesteld en in augustus 2006 is betrokkene uithuis geplaatst. Op 21 november 2006 heeft verweerder een indicatiebesluit d.d. 30 november 2006 betreffende betrokkene naar eisers gezonden om hen in de gelegenheid te stellen hierop te reageren. Op 30 november 2007 heeft verweerder dit indicatiebesluit vastgesteld

 

 

Gronden voor beroep.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

De inhoud van eisers bezwaarschriften van 26 november 2006 en 30 november 2006 is niet gelijk.

 

In het geschil is juist WEL dat door verweerder een definitief indicatiebesluit op 30 november is genomen eisers daardoor WEL belang meer hebben bij beantwoording van de vraag of er sprake is van een conceptbesluit of dat er een definitief indicatiebesluit bij de brief van de gezinsvoogd van 21 november 2006 was gevoegd.

 

Bij de brief van 21 november 2006 was een ondertekend definitief indicatiebesluit van 30 november gevoegd en dat kan natuurlijk niet gelet op de datum.

 

Eisers hebben dientengevolge WEL belang bij een beoordeling van verweerders besluit van 3 januari 2007.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat eisers WEL belang hebben bij een beoordeling van verweerders besluit van 3 januari 2007 en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en het bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat 

 

 en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

5.  Op blz. 4 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Gelet op het vorenstaande stelt de rechtbank vast dat het hier gaat om een indicatiebesluit met betrekking tot een ondertoezicht gestelde cliŽnt. Dit indicatiebesluit is opgesteld in het kader van verweerders taak als bedoeld in artikel 257 van Boek 1, titel 14, afdeling 4 van het burgerlijk wetboek (hierna BW). Tegen een zodanige indicatiebesluit kan gelet op de uitdrukkelijke bedoeling van de wetgever blijkende uit de parlementaire geschiedenis en voornoemde wettelijke bepalingen ingevolgde artikel 8.5 van de Awb genoemde bijlage geen beroep worden ingesteld

 

 

Gronden voor beroep.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

Het is de uitdrukkelijke bedoeling van de wetgever dat op grond van artikel 5.5 Wet op de jeugdzorg juist wel bezwaar en beroep kan worden ingesteld.

 

Het genomen besluit is genomen in strijd met 6 EVRM indien geen bezwaar- en beroep kan worden ingesteld en de stichting gedurende een ondertoezichtstelling achter elkaar indicatiebesluiten kan nemen zonder dat hiertegen bezwaar kan worden gemaakt en beroep kan worden ingesteld.

 

Het genomen besluit is genomen in strijd met algemene rechtsbeginselen indien geen bezwaar- en beroep kan worden ingesteld en de stichting gedurende een ondertoezichtstelling achter elkaar indicatiebesluiten kan nemen zonder dat hiertegen bezwaar kan worden gemaakt en beroep kan worden ingesteld.

 

Het genomen besluit is genomen in strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind indien geen bezwaar- en beroep kan worden ingesteld en de stichting gedurende een ondertoezichtstelling achter elkaar indicatiebesluiten kan nemen zonder dat hiertegen bezwaar kan worden gemaakt en beroep kan worden ingesteld.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind, met de algemene rechtsbeginselen en in strijd met 6 EVRM en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

 

 

6.  Op blz. 5 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Ingevolge de schakelbepaling artikel 7.1 van de Awb kan derhalve evenmin bezwaar worden gemaakt tegen een indicatiebesluit in het kader van een uithuisplaatsing van een ondertoezicht gestelde minderjarige. Naar oordeel van de rechtbank heeft verweerder dan ook terecht het bezwaar van eisers niet-ontvankelijk verklaard.

 

 

Gronden voor beroep.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

De inhoud van eisers bezwaarschriften van 26 november 2006 en 30 november 2006 is niet gelijk.

 

In het geschil is juist WEL dat door verweerder een definitief indicatiebesluit op 30 november is genomen eisers daardoor WEL belang meer hebben bij beantwoording van de vraag of er sprake is van een conceptbesluit of dat er een definitief indicatiebesluit bij de brief van de gezinsvoogd van 21 november 2006 was gevoegd.

 

Bij de brief van 21 november 2006 was een ondertekend definitief indicatiebesluit van 30 november gevoegd en dat kan natuurlijk niet gelet op de datum.

 

Eisers hebben dientengevolge WEL belang bij een beoordeling van verweerders besluit van 3 januari 2007 en 9 januari 2007.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat eisers WEL belang hebben bij een beoordeling van verweerders besluit van 3 januari 2007 en 9 januari 2007en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en het bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

 

7.  Op blz. 5 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Op grond van het bovenstaande is de rechtbank van oordeel, dat de stellingen van eisers tegen het bestreden besluit van 28 maart 2007 geen doel treffen. Het beroep dient dan ook in zoverre ongegrond te worden verklaard.

 

Gronden voor beroep.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat de stellingen van eisers tegen het bestreden besluit van 28 maart 2007 wel doel treffen en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers tegen besluit 28 maart 2007 alsnog gegrond te verklaren.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers tegen besluit 3 januari 2007 alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers tegen besluit 9 januari 2007 alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog gegrond te verklaren.

 

 

 

8.  Op blz. 5 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

De rechtbank is evenwel niet gebleken van proceskosten nu geen sprake is geweest van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand als bedoeld in artikel 8.75 van de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht

 

Gronden voor beroep.

 

In de beschikking staat dat eisers, vertegenwoordigd zijn door J. Hop.

 

Bezwaar- en beroepschriften zijn opgesteld door J. Hop.

 

Op de hoorzitting rechtbank Arnhem zijn eisers door Hop bijgestaan.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat wel gebleken is van proceskosten nu er wel sprake is geweest van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand als bedoeld in artikel 8.75 van de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en proceskostenveroordeling toe te wijzen.

 

 

Machtiging procesvertegenwoordiging. Ondergetekenden machtigen de heer J. Hop, Joubertstraat 24, 3851 DM Ermelo om haar/hem te vertegenwoordigen bij het instellen en verder behandelen van verzoekschriften, verweerschriften, bezwaarschriften, beroepschriften, aanvraag voorlopige voorzieningen en verzoek wraking kinderrechter zulks met het recht van vervanging.

 

 

Hoogachtend.

 

J. LEENDERS, de moeder belast met het gezag

R.J.C. NIENHUIS, de vader belast met het gezag

wonende Spoorstraat 31, 6953 BW Dieren, gemeente Rheden

 

handtekening                    `             handtekening

 

       

 

 

Conclusie.

 

Er is sprake van een onbevoegd genomen besluit omdat het indicatiebesluit is genomen door de gezinsvoogd. Een gezinsvoogd is niet bevoegd indicatiebesluiten te tekenen. Er is sprake van ongewenste belangenverstrengeling in strijd met de wet op de jeugdzorg.

 

Nu op grond van vorenstaande is vast komen te staan dat de Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland eisers in hun bezwaarschrift ontvankelijk hadden moeten verklaren verzoek ik u de bestreden uitspraak van de rechtbank op deze punten te vernietigen.

 

Tevens verzoek ik u alle onderliggende besluiten van Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland te vernietigen en hen op grond van artikel 8:73; 8:74 en 8;75 Awb te veroordelen tot betaling van alle door mij gemaakte kosten en schade.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers tegen besluit 28 maart 2007 alsnog gegrond te verklaren.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers tegen besluit 3 januari 2007 alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers tegen besluit 9 januari 2007 alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

Ook verzoek ik u mij in dit hoger beroep in ieder geval te horen.

 

Tenslotte richt ik aan u het nadrukkelijk verzoek dit hoger beroep niet gevoegd of vermengd uit te spreken met andere hogere beroepen.

 

Gemachtigde

 

 

J.Hop


Bijlagen:

 

Proforma hoger beroep 20 juli 2007

 

Uitspraak 151579 / JZRK 07-8012 van 21 juni 2007 (verzonden op 12 juli 2007) van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem.

 

Brief gezinsvoogd 21 november 2006

 

Indicatiebesluit 30 november 2006

 

Bezwaarschrift 26 november 2006 tegen indicatiebesluit 30 november 2006

 

Bezwaarschrift 30 november 2006 tegen indicatiebesluit 30 november 2006

 

Beslissing op bezwaar 3 januari 2007

 

Beslissing op bezwaar 9 januari 2007

 

Beroepschrift 16 januari 2007

 

Nieuw besluit 28 maart 2007

 

Verweerschrift 21 februari 2007

 

Pleitnotities 10 mei 2007-08-22

 

 

 

Inzake de uitspraak 150472/JZRK 07-8006 d.d. 210607 wordt verwezen naar het hoger beroep dat is ingediend tegen deze uitspraak bij de Raad van State en de inhoud ervan wordt hier als herhaald en ingelast beschouwd:

 

 

Betreft: Hoger beroep tegen uitspraak 150472/JZ RK 07-8006 van 21 juni 2007 (verzonden op 12 juli 2007) van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem.

 

 

Aan: De Raad van State,

Afdeling bestuursrechtspraak,

Postbus 20019,

2500 EA ’s-Gravenhage

 

Dieren, 22 augustus 2007.

 

Geacht College,

 

Hierbij teken ik hoger beroep aan tegen de volgende overwegingen uit de uitspraak 150472/JZ RK 07-8006 van 21 juni 2007 (verzonden op 12 juli 2007) van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem en wel op grond van de volgende motivatie:

 

Overwegingen waartegen ik hoger beroep aanteken.

 

 

1.  Op blz. 2 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

De rechtbank is van oordeel dat het bezwaarschrift van eisers moet worden aangemerkt als gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit als bedoeld in artikel 6.2 onder b van de Awb.

 

Hoger beroep op deze overweging.

 

Omdat er sprake is geweest van het niet tijdig nemen van een besluit dient het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit gegrond te worden verklaard.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en het bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

2.  Op blz. 2 staat de volgende overweging:

2.  Op blz. 4 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

2.  Op blz. 2 staat de volgende overweging:

Ingevolge artikel 1, aanhef en onder b, van de Wet Openbaarheid van Bestuur (hierna: WOB) wordt in de WOB en de daarop rustende bepalingen onder een bestuursrechtelijke aangelegenheid verstaan een aangelegenheid die betrekking heeft op het beleid van een bestuursorgaan, daaronder verstaan de voorbereiding en de uitvoering ervan.

 

2.  Op blz. 4 staat de volgende overweging:

Gelet op het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat het vooromschreven verzoek van eisers niet gebaseerd kan zijn op de WOB

 

 

 

Gronden voor beroep.

 

Eisers hebben een verzoek ingediend om afgifte van de volgende informatie welke informatie betrekking heeft op het beleid van een bestuursorgaan, daaronder verstaan de voorbereiding en de uitvoering ervan.

 

14.1 Verzoeker verzoekt de Stichting om de volgende informatie om zelf normen en gevaren in deze zaak vast te stellen. Verzoeker kan vergelijken of aan de norm wordt voldaan en verzoeker kan kijken hoe de vergelijkingsmethode tot stand is gekomen.
14.2 Verzoek om afschrift van ALLE vragenlijsten van Bureau Jeugdzorg die u heeft gebruikt om plannen op te stellen.
14.3 Verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding met daarin aangekruist ……N HOOFDREDEN en alle aangekruiste algemene redenen?
14.4 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren op welke manier wordt vergeleken of aan de norm wordt voldaan?
14.5 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren hoe deze vergelijkingsmethode tot stand gekomen?
14.6 Verzoek afschrift normenrapport netwerkonderzoek? Indien er geen normenrapport netwerkonderzoek is, antwoord op de vraag waarom niet?
14.7 Verzoek afschrift normenrapport onderzoek (intern) hulpverleningsplan en plan van aanpak? Indien er geen normenrapport onderzoek (intern) hulpverleningsplan en plan van aanpak, antwoord op de vraag waarom niet?
14.8 Verzoek afschrift Normenrapport onderzoek opvoedingsplan? Indien er geen normenrapport onderzoek opvoedingsplan is, antwoord op de vraag waarom niet?
14.9 Verzoek afschrift Normenrapport onderzoek verzorgingsplan? Indien er geen normenrapport onderzoek verzorgingsplan is, antwoord op de vraag waarom niet?
14.10 Verzoek afschrift Normenrapport onderzoek criteria geschiktheid ouders? Indien er geen normenrapport onderzoek criteria geschiktheid ouders is, antwoord op de vraag waarom niet?

 

Eisers zijn van mening dat bovengenoemde verzoeken zijn gebaseerd op de Wob omdat deze informatie betrekking heeft op het beleid van een bestuursorgaan, daaronder verstaan de voorbereiding en de uitvoering ervan.

 

Onomstotelijk staat vast dat er sprake is geweest van het niet tijdig nemen van een besluit inzake bovengenoemde verzoeken.

 

Ter zitting heeft verweerder ALLEEN VERKLAARD niet over de gevraagde normenrapporten te beschikken maar weigerde verweerder antwoord te geven op het verzoek van eisers antwoord te geven op de vraag waarom niet bij ieder verzoek.

Verweerder heeft eisers ten onrechte geen (tijdig) schriftelijk besluit toegestuurd waarin schriftelijk wordt bevestigd dat verweerder niet over de gevraagde normenrapporten beschikt.

 

Het werk van de Raad voor de Kinderbescherming is gebaseerd op het normenrapport. De Raad kan op een werkwijze gebaseerd op normen aangesproken worden.

 

De Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland zegt niet over de gevraagde normenrapporten te beschikken. De werkwijze van de Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland is dus gebaseerd op WILLEKEUR!

 

Jeugdbescherming op basis van WILLEKEUR is in strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind, met de algemene rechtsbeginselen en in strijd met 6 EVRM en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Verweerder weigert op verzoek van eisers hen te informeren inzake het verzoek

14.4 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren op welke manier wordt vergeleken of aan de norm wordt voldaan?
14.5 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren hoe deze vergelijkingsmethode tot stand gekomen?

 

Jeugdbescherming waar niet wordt gekeken op welke manier aan de norm wordt voldaan en ook niet wordt gekeken hoe de vergelijkingsmethode tot stand is gekomen is in strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind, met de algemene rechtsbeginselen en in strijd met 6 EVRM en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een verzoek Wob, van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en het bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

 

3.  Op blz. 4 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Het verzoek van eisers om afschriften omschreven onder 1 tot en met 4 kan wel worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

 

Gronden voor beroep.

 

Het niet verstrekken van de gevraagde gegevens is in strijd met HVRM Mantovelli

 

1.  Verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding

Primair. Eisers zijn van mening dat een verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting het formulier schriftelijke aanmelding niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken zodat eisers de gegevens op het formulier schriftelijke aanmelding op juistheid kunnen controleren.

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift formulier schriftelijke aanmelding weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voor eisers veel te verbergen heeft.

 

2.  Verzoek afschrift alle indicatierapporten.

Primair. Eisers zijn van mening dat een verzoek om afschrift alle indicatierapporten niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift alle indicatierapporten WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting afschrift alle indicatierapporten niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken in het kader van een gelijkwaardig hulpverleningsproces

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift alle indicatierapporten weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voor eisers veel te verbergen heeft.

 

 

3.  Verzoek afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen

Primair. Eisers zijn van mening dat een afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken in het kader van een gelijkwaardig hulpverleningsproces

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift formulier schriftelijke aanmelding weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voorn eisers veel te verbergen heeft.

Ten vierde. Eisers zijn van mening dat er meerdere hulpverleningsplannen over dezelfde periode zijn gemaakt die niet met eisers zijn besproken. Eisers willen weten waarom er meerdere hulpverleningsplannen over dezelfde periode zijn gefabriceerd.

 

 

4.  Verzoek afschrift compleet contactjournaal.

Primair. Eisers zijn van mening dat een afschrift compleet contactjournaal. niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift compleet contactjournaal WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting afschrift compleet contactjournaal niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken in het kader van een gelijkwaardig hulpverleningsproces

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift compleet contactjournaal weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voorn eisers veel te verbergen heeft.

Ten vierde. De Raad voor de Kinderbescherming verstrekt op verzoek van burgers ook gelijk afschrift van een compleet contactjournaal.

 

Voorts hebben eisers aangevoerd dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

5.  Op blz. 4 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Blijkens artikel 105 van de wet op de jeugdzorg is een beslissing van verweerder op een verzoek als bedoeld in artikel 35 van de Wet Bescherming Persoonsgegevens geen beslissing door een bestuursorgaan.

 

Gronden voor beroep.

 

Eisers hebben hun verzoek ingediend met als grondslag WOB!

 

Eisers hebben GEEN verzoek ingediend als bedoeld in artikel 35 van de Wet Bescherming Persoonsgegevens

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en het bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat eisers hun verzoek hebben ingediend met als grondslag WOB en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

 

5.  Op blz. 4 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Nu verweerder niet als bestuursorgaan een beslissing op eisers verzoek kan nemen kan een zodanige beslissing dan wel het uitblijven van een beslissing niet worden aangemerkt als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb en kan daartegen ingevolge de artikelen 8.1 juncto 7.1 Awb geen –ontvankelijk- bezwaar worden gemaakt. Verweerder heeft bij het bestreden besluit van eisers van 21 oktober 2006 dan ook terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het hiertegen ingediende beroep dient derhalve ongegrond te worden verklaard.

 

Gronden voor beroep.

 

Verweerder kan WEL als bestuursorgaan een beslissing op eisers verzoeken kan nemen. Een zodanige beslissing dan wel het uitblijven van een beslissing kan wel worden aangemerkt als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb en kan daartegen ingevolge de artikelen 8.1 juncto 7.1 Awb wel –ontvankelijk- bezwaar worden gemaakt. Verweerder heeft bij het bestreden besluit van eisers van 21 oktober 2006 dan ook onterecht niet-ontvankelijk verklaard. Het hiertegen ingediende beroep dient derhalve gegrond te worden verklaard.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind, met de algemene rechtsbeginselen en in strijd met 6 EVRM en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

6.  Op blz. 5 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

Op grond van het bovenstaande is de rechtbank van oordeel, dat de stellingen van eisers tegen het bestreden besluit II geen doel treffen. Het beroep dient dan ook in zoverre ongegrond te worden verklaard.

 

Gronden voor beroep.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat de stellingen van eisers tegen het bestreden besluit II wel doel treffen en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog gegrond te verklaren.

 

 

 

 

8.  Op blz. 5 staat de volgende overweging:

 

Overweging

 

De rechtbank is evenwel niet gebleken van proceskosten nu geen sprake is geweest van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand als bedoeld in artikel 8.75 van de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht

 

Gronden voor beroep.

 

In de beschikking staat dat eisers, vertegenwoordigd zijn door J. Hop.

 

Bezwaar- en beroepschriften zijn opgesteld door J. Hop.

 

Op de hoorzitting rechtbank Arnhem zijn eisers door Hop bijgestaan.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat wel gebleken is van proceskosten nu er wel sprake is geweest van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand als bedoeld in artikel 8.75 van de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en proceskostenveroordeling toe te wijzen.

 

 

 

Machtiging procesvertegenwoordiging. Ondergetekenden machtigen de heer J. Hop, Joubertstraat 24, 3851 DM Ermelo om haar/hem te vertegenwoordigen bij het instellen en verder behandelen van verzoekschriften, verweerschriften, bezwaarschriften, beroepschriften, aanvraag voorlopige voorzieningen en verzoek wraking kinderrechter zulks met het recht van vervanging.

 

 

Hoogachtend.

 

J. LEENDERS, de moeder belast met het gezag

R.J.C. NIENHUIS, de vader belast met het gezag

wonende Spoorstraat 31, 6953 BW Dieren, gemeente Rheden

 

 

 

 

 

Handtekening                            handtekening

 

 

 

Conclusie.

 

Nu op grond van vorenstaande is vast komen te staan dat de Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland eisers in hun bezwaarschrift ontvankelijk hadden moeten verklaren verzoek ik u de bestreden uitspraak van de rechtbank op deze punten te vernietigen.

 

Tevens verzoek ik u alle onderliggende besluiten van Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland te vernietigen en hen op grond van artikel 8:73; 8:74 en 8;75 Awb te veroordelen tot betaling van alle door mij gemaakte kosten en schade.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers tegen besluit 7 november 2006 en het besluit van 27 maart 2007 besluit II alsnog gegrond te verklaren.

 

Ook verzoek ik u mij in dit hoger beroep in ieder geval te horen.

 

Tenslotte richt ik aan u het nadrukkelijk verzoek dit hoger beroep niet gevoegd of vermengd uit te spreken met andere hogere beroepen.

 

 

Gemachtigde,

 

 

 

 

J.Hop

 

 

Bijlagen:

 

Proforma hoger beroep 20 juli 2007

 

Uitspraak 150472/JZ RK 07-8006 van 21 juni 2007 (verzonden op 12 juli 2007) van de Arrondissementsrechtbank te Arnhem.`

 

Modelverzoek 8 september 2006

 

Herhaald verzoek 20 september 2006

 

Besluit 17 november 2006

 

Bezwaarschrift 21 oktober 2006

 

Beslissing op bezwaar 7 november 2006

 

Beroepschrift 9 november 2006.

 

Verweerschrift 21 februari 2007

 

Nieuw besluit 27 maart 2007

 

Pleitnotities 10 mei 2007

 

 

 

 

Inzake

85861/JERK 07-380

Alle besluiten in de zin van Awb kunnen op grond van artikel 5.5 Wjz door de kinderbestuursrechter worden getoetst omdat het de bedoeling van deze NIEUWE WETGEVING juist is alle besluiten in de zin van Awb bestuursrechterlijk te toetsen.

85862/JERK 07-381

Alle besluiten in de zin van Awb kunnen op grond van artikel 5.5 Wjz door de kinderbestuursrechter worden getoetst omdat het de bedoeling van deze NIEUWE WETGEVING juist is alle besluiten in de zin van Awb bestuursrechterlijk te toetsen.

85863/JERK 07-382

Alle besluiten in de zin van Awb kunnen op grond van artikel 5.5 Wjz door de kinderbestuursrechter worden getoetst omdat het de bedoeling van deze NIEUWE WETGEVING juist is alle besluiten in de zin van Awb bestuursrechterlijk te toetsen.

85864/JERK 07-383

Alle besluiten in de zin van Awb kunnen op grond van artikel 5.5 Wjz door de kinderbestuursrechter worden getoetst omdat het de bedoeling van deze NIEUWE WETGEVING juist is alle besluiten in de zin van Awb bestuursrechterlijk te toetsen.

85865/JERK 07-384

Alle besluiten in de zin van Awb kunnen op grond van artikel 5.5 Wjz door de kinderbestuursrechter worden getoetst omdat het de bedoeling van deze NIEUWE WETGEVING juist is alle besluiten in de zin van Awb bestuursrechterlijk te toetsen.

 

Inzake

85861/JERK 07-380

Besluit dat op rechtsgevolg is gericht en daarom wel een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb met als grondslag artikel 5.5 Wjz en betreft geen tweede rechtsingang.

Betreft MDO besluit GEHEIME aanmelding wachtlijst pleegzorg

Betreft MDO besluit GEHEIME aanmelding wachtlijst woonvoorziening

Betreft MDO besluit weigering bestuursorgaan om adequaat samen te werken zoals afgesproken september 2005 en schriftelijk bevestigd

Betreft MDO besluit weigering zorg zoals afgesproken september 2005 en schriftelijk bevestigd door het bestuursorgaan

 

 

Inzake

85862/JERK 07-381

Besluit dat op rechtsgevolg is gericht en daarom wel een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb met als grondslag artikel 5.5 Wjz en betreft geen tweede rechtsingang. Het hulpverleningsplan is wel op rechtsgevolg gericht en daarom wel een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb.

 

Het hulpverleningsplan is wel op rechtsgevolg gericht

Het hulpverleningsplan is niet binnen 6 weken na het uitspreken van de ots opgesteld.

 

De inzichten van eisers staan niet in het hulpverleningsplan vermeld.

 

Het hulpverleningsplan is niet met eisers besproken.

 

Informatie van informanten is niet duidelijk gescheiden van de visie van de medewerkers van de Stichting in het hulpverleningsplan.

 

In het hulpverleningsplan staat niet duidelijk op de juiste plaats vermeld dat eisers het NIET EENS zijn met het hulpverleningsplan.

 

Er is sprake van schending van artikel 6 van het EVRM en HVRM Mantovelli

plaats vermeld dat eisers het NIET EENS zijn met het hulpverleningsplan.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat eisers hun beroep op strijdigheid met het internationaal verdrag inzake de rechten van het kind en met de algemene rechtsbeginselen voldoende hebben onderbouwd en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat een hulpverleningsplan een besluit is dat op rechtsgevolg is gericht en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Inzake

85863/JERK 07-382

Besluit dat op rechtsgevolg is gericht en daarom wel een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb met als grondslag artikel 5.5 Wjz en betreft geen tweede rechtsingang. Het hulpverleningsplan is wel op rechtsgevolg gericht en daarom wel een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb.

 

Zie verzetschrift

 

 

Inzake

85864/JERK 07-383

Besluit dat op rechtsgevolg is gericht en daarom wel een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb met als grondslag artikel 5.5 Wjz en betreft geen tweede rechtsingang.

 

Zie bezwaarschrift en bezwaargronden welke hierbij als herhaald en ingelast worden beschouwd en waarbij eisers meermalig bezwaar maken tegen het niet adequaat samenwerken en/of het weigeren van afgesproken zorg van het bestuursorgaan met eisers waardoor eisers in kafka-achtige toestanden zijn terechtgekomen

 

 

Inzake

85865/JERK 07-384

Besluit dat op rechtsgevolg is gericht en daarom wel een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb met als grondslag artikel 5.5 Wjz en betreft geen tweede rechtsingang.

 

Het betreft hier WOB modelverzoeken om informatie aan het bestuursorgaan.

Eisers hebben een verzoek ingediend om afgifte van de volgende informatie welke informatie betrekking heeft op het beleid van een bestuursorgaan, daaronder verstaan de voorbereiding en de uitvoering ervan.

 

14.1 Verzoeker verzoekt de Stichting om de volgende informatie om zelf normen en gevaren in deze zaak vast te stellen. Verzoeker kan vergelijken of aan de norm wordt voldaan en verzoeker kan kijken hoe de vergelijkingsmethode tot stand is gekomen.
14.2 Verzoek om afschrift van ALLE vragenlijsten van Bureau Jeugdzorg die u heeft gebruikt om plannen op te stellen.
14.3 Verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding met daarin aangekruist ……N HOOFDREDEN en alle aangekruiste algemene redenen?
14.4 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren op welke manier wordt vergeleken of aan de norm wordt voldaan?
14.5 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren hoe deze vergelijkingsmethode tot stand gekomen?
14.6 Verzoek afschrift normenrapport netwerkonderzoek? Indien er geen normenrapport netwerkonderzoek is, antwoord op de vraag waarom niet?
14.7 Verzoek afschrift normenrapport onderzoek (intern) hulpverleningsplan en plan van aanpak? Indien er geen normenrapport onderzoek (intern) hulpverleningsplan en plan van aanpak, antwoord op de vraag waarom niet?
14.8 Verzoek afschrift Normenrapport onderzoek opvoedingsplan? Indien er geen normenrapport onderzoek opvoedingsplan is, antwoord op de vraag waarom niet?
14.9 Verzoek afschrift Normenrapport onderzoek verzorgingsplan? Indien er geen normenrapport onderzoek verzorgingsplan is, antwoord op de vraag waarom niet?
14.10 Verzoek afschrift Normenrapport onderzoek criteria geschiktheid ouders? Indien er geen normenrapport onderzoek criteria geschiktheid ouders is, antwoord op de vraag waarom niet?

 

Eisers zijn van mening dat bovengenoemde verzoeken zijn gebaseerd op de Wob omdat deze informatie betrekking heeft op het beleid van een bestuursorgaan, daaronder verstaan de voorbereiding en de uitvoering ervan.

 

Onomstotelijk staat vast dat er sprake is geweest van het niet tijdig nemen van een besluit inzake bovengenoemde verzoeken.

 

Ter zitting heeft verweerder ALLEEN VERKLAARD niet over de gevraagde normenrapporten te beschikken maar weigerde verweerder antwoord te geven op het verzoek van eisers antwoord te geven op de vraag waarom niet bij ieder verzoek.

Verweerder heeft eisers ten onrechte geen (tijdig) schriftelijk besluit toegestuurd waarin schriftelijk wordt bevestigd dat verweerder niet over de gevraagde normenrapporten beschikt.

 

Het werk van de Raad voor de Kinderbescherming is gebaseerd op het normenrapport. De Raad kan op een werkwijze gebaseerd op normen aangesproken worden.

 

SGJ zegt niet over de gevraagde normenrapporten te beschikken. De werkwijze van de SGJ is dus gebaseerd op WILLEKEUR!

 

Jeugdbescherming op basis van WILLEKEUR is in strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind, met de algemene rechtsbeginselen en in strijd met 6 EVRM en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Verweerder weigert op verzoek van eisers hen te informeren inzake het verzoek

14.4 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren op welke manier wordt vergeleken of aan de norm wordt voldaan?
14.5 Verzoek om verzoeker schriftelijk te informeren hoe deze vergelijkingsmethode tot stand gekomen?

 

Jeugdbescherming waar niet wordt gekeken op welke manier aan de norm wordt voldaan en ook niet wordt gekeken hoe de vergelijkingsmethode tot stand is gekomen is in strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind, met de algemene rechtsbeginselen en in strijd met 6 EVRM en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van een verzoek Wob, van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

Het niet verstrekken van de gevraagde gegevens is in strijd met HVRM Mantovelli

 

1.  Verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding

Primair. Eisers zijn van mening dat een verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift formulier schriftelijke aanmelding WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting het formulier schriftelijke aanmelding niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken zodat eisers de gegevens op het formulier schriftelijke aanmelding op juistheid kunnen controleren.

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift formulier schriftelijke aanmelding weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voor eisers veel te verbergen heeft.

 

2.  Verzoek afschrift alle indicatierapporten.

Primair. Eisers zijn van mening dat een verzoek om afschrift alle indicatierapporten niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift alle indicatierapporten WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting afschrift alle indicatierapporten niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken in het kader van een gelijkwaardig hulpverleningsproces

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift alle indicatierapporten weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voor eisers veel te verbergen heeft.

 

 

3.  Verzoek afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen

Primair. Eisers zijn van mening dat een afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting afschrift alle (interne) hulpverleningsplannen niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken in het kader van een gelijkwaardig hulpverleningsproces

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift formulier schriftelijke aanmelding weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voorn eisers veel te verbergen heeft.

Ten vierde. Eisers zijn van mening dat er meerdere hulpverleningsplannen over dezelfde periode zijn gemaakt die niet met eisers zijn besproken. Eisers willen weten waarom er meerdere hulpverleningsplannen over dezelfde periode zijn gefabriceerd.

 

 

4.  Verzoek afschrift compleet contactjournaal.

Primair. Eisers zijn van mening dat een afschrift compleet contactjournaal. niet kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens.

Secundair. Indien een verzoek om afschrift compleet contactjournaal WEL kan worden aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 35 van Wet Bescherming Persoonsgegevens dan dient de Stichting afschrift compleet contactjournaal niet te weigeren maar gelijk op verzoek te verstrekken in het kader van een gelijkwaardig hulpverleningsproces

Ten derde. Verweerder heeft eisers ten onrechte niet schriftelijk meegedeeld waarom verweerder aan eisers afschrift compleet contactjournaal weigert en daarmee wordt de indruk gewekt dat verweerder voorn eisers veel te verbergen heeft.

Ten vierde. De Raad voor de Kinderbescherming verstrekt op verzoek van burgers ook gelijk afschrift van een compleet contactjournaal.

 

Voorts hebben eisers aangevoerd dat er sprake is van een onzorgvuldig besluit dan wel dat het besluit berust op een ondeugdelijke motivering.

 

Eisers hebben hun verzoek ingediend met als grondslag WOB!

 

Eisers hebben GEEN verzoek ingediend als bedoeld in artikel 35 van de Wet Bescherming Persoonsgegevens

 

Verweerder kan WEL als bestuursorgaan een beslissing op eisers verzoeken kan nemen. Een zodanige beslissing dan wel het uitblijven van een beslissing kan wel worden aangemerkt als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb en kan daartegen ingevolge de artikelen 8.1 juncto 7.1 Awb wel –ontvankelijk- bezwaar worden gemaakt. Verweerder heeft bij het bestreden besluit van eisers van 21 oktober 2006 dan ook onterecht niet-ontvankelijk verklaard. Het hiertegen ingediende beroep dient derhalve gegrond te worden verklaard.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat er sprake is van strijd met internationaal verdrag inzake de rechten van het kind, met de algemene rechtsbeginselen en in strijd met 6 EVRM en dat verweerder onzorgvuldig handelen te verwijten valt.

 

Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en bezwaarschrift van eisers alsnog ontvankelijk te verklaren.

 

 

Proceskostenveroordeling.

 

In de beschikking staat dat eisers, vertegenwoordigd zijn door J. Hop.

 

Bezwaar- en beroepschriften zijn opgesteld door J. Hop.

 

Op de hoorzitting(en) zijn eisers door Hop bijgestaan.

 

Op grond van het vorenstaande zijn eisers van mening voldoende aannemelijk te hebben gemaakt dat wel gebleken is van proceskosten nu er wel sprake is geweest van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand als bedoeld in artikel 8.75 van de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht. Ik richt aan U daarom het verzoek deze overweging in de bestreden uitspraak te vernietigen en proceskostenveroordeling toe te wijzen.

 

 

Het belang van het kind staat centraal bij het indienen van bezwaar- en beroepschriften.

Het bestuursorgaan verzet zich fel tegen burgers die bezwaar willen maken op grond van artikel 5.5. Woj. Is het eigenlijk niet vreemd dat dit bestuursorgaan zich zo fel verzet tegen burgers die bezwaar maken tegen besluiten van het bestuursorgaan.

 

Door besluiten van dit bestuursorgaan te toetsen op grond van artikel 5.5. Woj bij de kinder(bestuurs)rechter zal het bestuursorgaan gaan dwingen zorgvuldiger te gaan werken en zal de gezinsvoogdij op termijn veranderen in iets wat het kind beschermd. Daarvan is nu geen sprake omdat het bestuursorgaan zich fel verzet tegen burgers die bezwaar maken en beroep instellen.

 

Het niet tijdig nemen van besluiten waarover het in alle ingediende beroepschriften gaat is representatief voor een onzorgvuldige werkwijze van een bestuursorgaan en het is dan ook terecht dat alle beroepen wat dit onderdeel betreft gegrond zijn verklaard.

 

Onomstotelijk is inmiddels vastgesteld dat kinderrechters werkafspraken hebben gemaakt met de jeugdzorg hoe de jeugdzorg verzoekschriften moet indienen. Deze werkafspraken hebben ertoe geleid dat door het bestuursorgaan wordt toegeschreven in verzoekschriften aan de kinderrechter om de verzoekschriften kloppend te maken.

 

Het gaat veel te ver als de kinderrechter vervolgens ook nog eens op de stoel van het bestuursorgaan gaat zitten om besluiten voor het bestuursorgaan te nemen door de bezwaarschriften van eisers vervolgens niet-ontvankelijk te verklaren en de uitspraak van de kinder(bestuurs)rechter in de plaats laat treden van de vernietigde besluiten.

 

Namens de familie Logtenberg

 

J. Hop.

Gemachtigde

 

 

(2) Eerbetoon aan geweldige ouders Frans en Dirkje Logtenberg die WEL tegen rancuneus SGJ personeel overeind bleven. De zaak Logtenberg geeft zicht op "smerige streken" SGJ, SBJG en het papegaaiencircuit erom heen gericht op jeugdzorg schaalvergroting met J. Hop Ermelo als procesvertegenwoordiger
102 J. Hop: "Iedere zaak begint met inlevering Wob 102 verzoek 12 om zicht te krijgen op de papegaaienmentaliteit in de jeugdzorg!"
518 Vraag 1 in iedere zaak met SGJ en SBJG. Klopt het ondertekeningsblok onder ieder BESLUIT en VERZOEKSCHRIFT en worden de juridisch juiste beroepsmogelijkheden vermeld? Vraag 2 heeft u een Wob 102 verzoek ingediend? Vraag 3 heeft u een BEZWAARSCHRIFT ingediend tegen ieder Plan van Aanpak, Indicatiebesluit, HVP waar u als ouders het NIET MEE EENS BENT?
Omroep Gelderland 180608 Alles uit de kast, informatieve TV uitzending over het wraken van de kinderrechter
012 Uit de uitzending van Omroep Gelderland blijkt toch echt dat SGJ personeel achter gesloten deuren bij de kinderrechter blijft zitten!
079 Het huidige toewijzingsbeleid rechters staat borg voor afhandeling van zaken door een voor de Staat partijdige rechter
070 5 jaar OTS tot 310809! De zaak Logtenberg "Als de ouders niets hebben misdaan dan begaat de Staat een misdrijf!"
540 Het gevaar! De Staat wil van ieder kind een risico analyse maken met de school als leverancier van kinderen voor "jeugdzorg"
460 Zinloos klagen! Klacht gegrond! Logtenberg tegen VVP inzake onderscheppen correspondentie klachtencommissie
461 Zinloos klagen! Klacht gegrond! Logtenberg tegen SBJG inzake onderscheppen correspondentie aan klachtencommissie
Archief Politiek! Dirkje Logtenberg-Dijkhof kandidaat Groep Hop verkiezingen provincie Gelderland 2007 leverde stevig weerwerk tegen SGJ 
519 SGJ schrijft ouders geen bezwaarcommissie te hebben! Is dit juist of onjuist? SBJG heeft wel een bezwaarschriftencommissie! 
426 5 jaar OTS tot 310809! Toelichting verzetschriften 1, 2, 3, 4 en 5 Logtenberg tegen SGJ/SBJG hoorzitting Rb Zutphen 300807
453 5 jaar OTS tot 310809! Geschiedenis! Beroepschrift Logtenberg gegrond maar beschikking is toch aanleiding voor verzetschrift 1
454 5 jaar OTS tot 310809! Geschiedenis! Beroepschrift Logtenberg gegrond maar beschikking is toch aanleiding voor verzetschrift 2
455 5 jaar OTS tot 310809! Geschiedenis! Beroepschrift Logtenberg gegrond maar beschikking is toch aanleiding voor verzetschrift 3
456 5 jaar OTS tot 310809! Geschiedenis! Beroepschrift Logtenberg gegrond maar beschikking is toch aanleiding voor verzetschrift 4
517 5 jaar OTS tot 310809! Geschiedenis! Beroepschrift Logtenberg gegrond maar beschikking is toch aanleiding voor verzetschrift 5
518 5 jaar OTS tot 310809! Geschiedenis! Beroepschrift Logtenberg gegrond bij bestuursrechter mevrouw J. Barrau rechtbank Arnhem
002 5 jaar OTS tot 310808! Alle 5 verzetschriften Logtenberg met Hop als procesvertegenwoordiger tegen rechtbank Zutphen GEGROND!
Met bekend kenmerk rechtspraak in Zutphen: "Omdat het verzet van opposanten 3 SGJ en 4 SBJG reeds hierom gegrond wordt verklaard kan een bespreking van het verzet van opposanten 1 D. Logtenberg-Dijkhof en 2 F. Logtenberg achterwege blijven. Aldus gegeven op 18 juli 2008 door KINDERRECHTER mr. R. FEUNEKES, mr. T. ter Brugge en M.J.H. Schuurman. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
 
523 Verweerschrift ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing A. en L. Logtenberg 24 juli 2007 om 13:30 uur.
542 Procederen met Hop: Verzoek SGJ verlenging OTS en machtiging UHP voor pleeggezin A. Logtenberg voor 2e keer AFGEWEZEN!
543 Procederen met Hop: Verzoek SGJ verlenging OTS en machtiging UHP KINDERGEVANGENIS L. Logtenberg voor 2e keer AFGEWEZEN!
701 Kenmerk rancuneuze rechtbank Zutphen tegen J. Hop Ermelo: "Geen aanklacht op schrift en geen afschrift proces dossier voor Hop!"
095 5 november 2007 Hop ontdekt kinderrechter is rechter, aanklager en belanghebbende bij kinderbeschermingsmaatregelen
710 Klacht Hop naar Verenigde Naties inzake ongegrond verklaarde wraking rechters die zelf in hun eigen zaak wilden beslissen 
Nederlands: 710   English: 712   German: 713   France: 714   Espana: 715   Russia: 716  Arabic: 717
002 Omroep Gelderland 180608 Alles uit de kast, informatieve TV uitzending over het wraken van de kinderrechter
   
Producties verweerschrift ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing A. en L. Logtenberg 24 juli 2007 om 13:30 uur

524

Minister Rouvoet is gericht op verminderen communicatieproblemen jeugdzorg met christelijke boodschap in zijn beleid:
“Degene die het geloof verlaat zal hij er aan de haren bij slepen!” Desanne van Brederode 100607. Minister Rouvoet 190607

525

Productie 525 Geldstromen en SGJ. Kamervragen over geldstromen naar SGJ

526

Productie 526 Kamervragen over werkwijze Advies- en Meldpunt Kindermishandeling

527

Productie 527 Geldstromen en SGJ. SGJ: Rijk komt belofte niet na

528

Productie 528 Vijfhonderd scholieren via SGJ naar jeugdzorg

529

Productie 529 Nieuw zorgaanbod SGJ voor Ivg-jeugd

530

Productie 530 Refokind relatief vaak in pleegzorg

531

Productie 531 SGJ doet beroep op pleegouders voor werving gezinnen

532

Productie 532 Reformatische gezinnen bezig met inhaalslag

533

Productie 533 Meer plaatsen in gesloten jeugdzorg

534

Productie 534 Rouvoet verdubbeld capaciteit gesloten jeugdzorg

535

Productie 535 SGJ en Eleos kunnen samen aan de slag. Regeerakkoord beidt nieuwe kansen.

536

Productie 536 Jeugdzorg op weg naar volwassenheid

537

Productie 537 Worstelen met cultuur; vluchten in geweld.

538

Productie 538 Je kind tegen de grond slaan is onbijbels

539

Productie 539 De griezelige bemoeizucht van een christelijk kabinet

540

Het gevaar! De Staat wil van ieder kind een risico analyse maken met de school als leverancier van kinderen voor "jeugdzorg"

   

Informanten:

sgj41025318 Stichting Gereformeerd Jeugdwelzijn, Puntenburgerlaan 91, 3812CC Amersfoort (Gezinsvoogdij)
sgj41025318 Stichting Gereformeerd Jeugdwelzijn, Puntenburgerlaan 91, 3812CC Amersfoort (
Voorziening voor Pleegzorg)
(102) Aandachtsvestiging (Wob 102) procedures tegen SGJ
Ouders let op!
Klopt het DICTUM beschikking kinderrechter in VOTS, OTS en UHP zaken met
SGJ als gezinsvoogdij-instelling?
Kloppen ondertekeningsblokken van
SGJ en de juridisch juiste naam SGJ in documenten van SGJ, RVDK en BJZ?
(311) Aandachtsvestiging Wob 102 procedures tegen Stichting Gereformeerd Jeugdwelzijn
Ouders let op!
(311) GRATIS BEZWAARSCHRIFTEN tegen SGJ besluiten op ALLE Wob102 verzoeken GRATIS op internet
Onder Wob-102 besluiten SGJ staan juridisch juiste beroepsmogelijkheden NIET vermeld!
102 Zetel: Utrecht
Z.B. Nitrauw MLD, directeur (Ondertekeningsblok Wob102)
R.G. Dijkgraag-Kats, secr. (Ondertekeningsblok Wob102)
Toonen, dhr. G.J.A. voorzitter RvT SGJ
Pos, dhr. H.T. tweede voorzitter RvT SGJ
Dijk, mw. E.J. van, secretaris RvT SGJ
Herwig dhr. G. penningmeester RvT SGJ
Steendam, dhr. K.P. lid RvT SGJ
Hardeveld, dhr. G. van lid RvT SGJ
Oostende, dhr. W.L. van
Bron: Wob 102 procedure(s)
102 Bezwaarcommissie SGJ, Puntenburgerlaan 91, 3812 CC Amersfoort, Postbus 1564, 3800 BN Amersfoort
579 Beslissingen bezwaarcommissie SGJ
538 Uit huis, een ingezonden brief over de werkwijze van SGJ in het Reformatorisch Dagblad
700 Klacht GEGROND tegen klacht pleegouder niet-ontvankelijk bij interne klachtencommissie Stichting Gereformeerd Jeugdwelzijn
002 Stevig weerwerk Logtenberg tegen STASI werkwijze SGJ. Logtenberg heeft na SGJ bemoeienis GEEN CONTACT met oudste kind
004 Stevig weerwerk Struyk tegen STASI werkwijze SGJ. Struyk heeft na SGJ bemoeienis GEEN CONTACT meer met oudste kind
012 Uitzending Omroep Gelderland bewijst dat "jeugdzorg" nog steeds achter gesloten deuren bij kinderrechters blijft zitten
710 UN heeft nog geen beslissing genomen op klacht Hop tegen Nederland (Rechtbank Zutphen)
095 In memoriam. Een geweldige lieve moeder die de pech had met SGJ te maken te krijgen 
   
EERBETOON aan Judith Leenders en Ron Nienhuis Gem. Rheden: "Hoger beroep Raad van State Wob-102 GEGROND!"
547 Hoger beroep GEGROND bij Raad van State tegen "niet-ontvankelijk" bezwaarschrift tegen besluit op Wob102 sloeg in als een bom bij NL-jeugdzorg
PRO Democratie in Nederland! Deelname Groep Hop aan provinciale verkiezingen Gelderland 2007. Hoeveel artikelen zijn er over het Groep Hop programma en kandidaat Ron Nienhuis uit Dieren gemeente Rheden verschenen in de lokale huis aan huis bladen in de gemeente Rheden? Antwoord 0!

Vraag: Wie zijn de moeder Judith Leenders en de vader Ron Nienhuis?
Antwoord: Uitzending Omroep Gelderland) start afspelen van deze uitzending op 09:28

Vraag: Hoeveel personen zijn er na 3 jaar+ UHP van A. inmiddels betrokken bij deze zaak?
Antwoord: MEER DAN 164! (124)

Vraag: In hoeveel KINDERTEHUIZEN heeft A. na haar UHP gezeten?
Antwoord:
DRIE! Cel 12 in het tweede kindertehuis was een kamertje van een paar vierkante meter zonder raam! (177)

LIN Informant Stichting Lindenhout: "Jeugdzorg in Nederland is NIET kindgericht maar gericht op SCHAALVERGROTING"
101 AANDACHTSVESTIGING!
Aan ALLE burgemeesters, gemeentesecretarissen, raadsgriffiers en ambtenaren gemeente of provincie in Nederland
Aan ALLE rechters in Nederland
Aan ALLE
pleegouders in Nederland
Aan ALLE medewerkers van scholen in Nederland
Aan ALLE medewerkers van ziekenhuizen in Nederland
Aan ALLE gedragsdeskundigen en psychologen in Nederland
Aan ALLE medewerkers van verzekeringsmaatschappijen in Nederland
Aan ALLE medewerkers van kindertehuizen, kindergevangenissen of andere instellingen actief in de jeugdzorg
Aan ALLE politie agenten en hun leidinggevenden in Nederland
Indien u personen tegen komt bij OTS of VOTS die zich ten onrechte uitgeven voor de VOOGD wordt u vriendelijk verzocht deze persoon GELIJK AAN TE HOUDEN en over te dragen aan het BEVOEGD GEZAG voor een WAARHEIDSVINDING ONDERZOEK. Indien deze persoon zich inderdaad ten onrechte heeft uitgegeven voor een VOOGD bij OTS of VOTS aangifte tegen deze persoon te doen wegens "het vervullen van een beroep in valse hoedanigheid" met het verzoek aan het BEVOEGD GEZAG deze persoon onverwijld een BEROEPSVERBOD op te leggen om ooit nog met kinderen te werken om jeugdzorg voor kinderen en hun OUDERS BELAST MET HET GEZAG VEILIGER te maken!
102.1 Dag 1, u levert Wob verzoek 102.1 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.2 Dag 2, u levert Wob verzoek 102.2 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.3 Dag 3, u levert Wob verzoek 102.3 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.4 Dag 4, u levert Wob verzoek 102.4 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.5 Dag 5, u levert Wob verzoek 102.5 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.6 Dag 6, u levert Wob verzoek 102.6 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.7 Dag 7, u levert Wob verzoek 102.7 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.8 Dag 8, u levert Wob verzoek 102.8 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.9 Dag 9, u levert Wob verzoek 102.9 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.10 Dag 10, u levert Wob verzoek 102.10 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.11 Dag 11, u levert Wob verzoek 102.11 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.12 Dag 12, u levert Wob verzoek 102.12 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.13 Dag 13, u levert Wob verzoek 102.13 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.14 Dag 14, u levert Wob verzoek 102.14 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102.15 Dag 15, u levert Wob verzoek 102.15 in en noteert data vervolgprocedure in chronologische volgorde (7)
102 Toelichting op Wob-verzoeken 102!
419 Problemen met afhandeling/doorlooptijd Wob 102? Stuur uw verzoek/besluit stichting per post naar de redacteur?
STEM Kent u burgers in Ermelo, Rheden of Zoetermeer? Wilt u hen vragen of zij tijdens verkiezingen 2010 gemeenteraad Ermelo en/of gemeenteraad Rheden en/of gemeenteraad Zoetermeer op kandidaten van Groep Hop willen stemmen?
STEM Stem geen CDA, PVDA, VVD en GroenLinks in 2010 indien uw WOB 102 verzoek door de STICHTING of RVDK wordt afgepoeierd! Deze organisaties blijven weigeren de door hen gehanteerde NORMEN, GEVAREN en VERGELIJKINGSMETHODEN aan u openbaar te maken zodat u werkwijze en bejegening van burgers aan een NORM kunt gaan toetsen
   

top